skip to Main Content
Lettergrootte: A- A+

Serosa: optimale diagnose en behandeling bij serosa

Centrale sereuze chorioretinopathie (serosa) is een mysterieuze oogziekte die vooral bij relatief jonge mannen voorkomt. De precieze oorzaak van de ziekte is niet bekend. Er wordt gedacht dat verhoogde druk in het bloedvaatvlies onder het netvlies leidt tot lekkage van vocht naar onder het netvlies. Dit vocht onder het centrale deel van het netvlies leidt tot veel klachten: wazig zien, vervormd zien, verminderd kleuren- en contrastzien. Verder is voor serosa duidelijk dat ‘steroïdhormoon-medicijnen’ zoals prednison een risicofactor is, zelfs in de vorm van lokale neussprays en crèmes. Mogelijk speelt het stresshormoon ook een rol, maar dit is minder duidelijk. Ondanks dat serosa vrij veel voorkomt, in naar schatting een op de 1.500 à 2.000 mensen, werd er tot enkele jaren geleden weinig onderzoek gedaan naar de oorzaak en behandeling van de ziekte. Met name de optimale behandeling was tot voor kort zeer controversieel, vooral omdat het vocht onder het netvlies bij een deel van de patiënten spontaan kan verdwijnen en er tot recent geleden geen grote gecontroleerde studies beschikbaar waren. Voor serosa lag de kracht dus in het opstarten van grote studies. De afdeling Oogheelkunde van het LUMC heeft in samenwerking met de afdeling Oogheelkunde van het Radboudumc de grootste klinische en genetische database voor serosa ter wereld opgebouwd. Door recentere samenwerkingen met het Oogziekenhuis Rotterdam en het Amsterdam UMC zijn tot nu toe meer dan 1.500 patiënten in die database opgenomen.

LUMC en Radboudumc hebben de eerste genetische studies gedaan en associaties gevonden in serosa patiënten. Hierbij bleek dat genetische risicofactoren die leeftijdsgebonden maculadegeneratie mede veroorzaken juist beschermen tegen serosa.

Netvlies, opname na injectie van kleurstof. Laat grote door Serosa aangetaste gebieden zien.

Tot voor kort was er wereldwijd en in Nederland veel verschil in behandeling van serosa patiënten, vanwege een gebrek aan kwalitatief goede onderzoeken naar behandeling. Daarom werd het noodzakelijk gacht om betere behandelstudies op te zetten. Er was een grote behoefte aan meer duidelijkheid over de beste behandeling voor serosa, opdat patiënten geen onnodige en mogelijk zelfs schadelijke behandelingen zouden krijgen. In Nederland is in samenwerking met verschillende buitenlandse ziekenhuizen, de eerste grote internationale prospectieve behandelstudie gedaan voor serosa: de zgn. PLACE studie. Deze studie is zeer succesvol verlopen, zonder sponsoring van de farmaceutische industrie.

In de PLACE studie werd een speciaal soort laserbehandeling, photodynamische therapie (PDT) vergeleken met een ander soort laser: micropuls laser. Daarna werd ook de SPECTRA studie uitgevoerd; in een samenwerking tussen LUMC, het Amsterdam UMC en Radboudumc. In de SPECTRA trial werd PDT laser als behandeling voor serosa vergeleken met een medicijn in tabletvorm (eplerenon). Deze studies leidden tot een duidelijke conclusie dat de PDT laserbehandeling veruit de meest efficiënte behandeling voor serosa is. Er werd geconcludeerd dat deze behandeling zowel effectief als veilig is. Op basis hiervan is een veelgebruikte internationale ‘evidence-based’ behandelrichtlijn voor serosa gepubliceerd.

Nog steeds is veel onduidelijk over serosa. Over de oorzaak van de ziekte is lang niet alles bekend, en ook is verder onderzoek nodig om uit te vinden waarom sommige patiënten wel en sommige patiënten niet op PDT reageren. De huidige en daarop volgende onderzoeken zullen zich voornamelijk richten op het verbeteren van de diagnostiek en behandeling van het ziektebeeld. Er lopen verschillende onderzoeken met verschillende doelstellingen.

De eerste doelstelling is om serosa en de bijbehorende complicaties in een vroeg stadium te leren herkennen. Bij sommige patiënten ontstaan er als complicatie vaatnieuwvormingen die op tijd behandeld moeten worden met injecties met bloedvatremmende medicijnen (anti-VEGF) in het oog. De oogheelkundige foto’s die gedurende de PLACE- en SPECTRA trial gemaakt zijn kunnen hiervoor goed gebruikt worden, net zoals de foto’s van patiënten die door de jaren heen in de verschillende aan de studie deelnemende ziekenhuizen zijn gezien.

Ten tweede willen de onderzoekers uitvinden hoeveel patiënten die de in één oog een serosa hebben het ziektebeeld ook in het andere oog ontwikkelen. Hiervoor zullen bij een grote groep serosa patiënten het patiëntendossier en beschikbare beeldvorming gecontroleerd worden op tekenen van serosa in het andere oog.

Bij patiënten die in de loop van de ‘follow-up’ ook in het andere oog serosa ontwikkelen kan de beeldvorming bestudeerd worden in een fase vóórdat er klachten waren van het andere oog. Hieruit zouden eventuele kenmerken van dit ziektebeeld in een vroege fase herkend kunnen worden.

Als derde doelstelling wordt ernaar gestreefd om de kans op complicaties van PDT behandeling verder in kaart brengen, door een zeer grote groep serosa patiënten die in het verleden een PDT behandeling hebben ondergaan gedurende lange tijd te volgen. Uit eerdere trials zoals de PLACE- en SPECTRA trial is gebleken dat PDT een veilige en effectieve behandeling is. Er heerst echter nog (internationaal) een terughoudend beleid omtrent PDT behandeling uit angst voor complicaties.

Aanvullend onderzoek over de veiligheid van PDT is cruciaal voor het opstellen van de meest actuele (internationale) behandelrichtlijn voor serosa. Deze nieuwe inzichten zullen worden gebruikt in een hernieuwde, definitieve internationale ‘evidence-based’ behandelrichtlijn voor serosa. Dit zal bijdragen aan de optimale diagnose en behandeling van serosa patiënten zowel in Nederland als in het buitenland.

Het is van groot belang om de huidige diagnostiek en behandeling van serosa patiënten verder te verbeteren. Het LUMC, samen met nationale en internationale samenwerkingspartners, heeft een unieke positie waarbij er de beschikking is over klinische gegevens van een grote groep serosa patiënten die deelnamen aan trials en serosa patiënten die binnen de reguliere zorg werden gezien, en toestemming gaven voor deelname aan onderzoek. De beschikbare klinische informatie en beeldvorming zal uitvoerig worden onderzocht om de eerder genoemde doelstellingen te kunnen behalen.

Serosa geeft veel klachten van het zicht, die een zeer grote impact kunnen hebben op zowel de patiënt zelf, alsook op de maatschappij. Het is om die redenen begrijpelijk dat veel patiënten die deze aandoening eenzijdig hebben daarom ook graag willen weten wat de kans is op het ontstaan van serosa in het andere oog.

Onderzoek naar de oorzaak van serosa zal ertoe kunnen leiden dat de ziekte (bij een deel van de patiënten) in de toekomst voorkomen zal kunnen worden. Aanvullend onderzoek over de veiligheid van PDT behandeling zal bijdragen aan een nieuwe, internationale behandelrichtlijn die gebaseerd is op wetenschappelijk onderzoek en voor alle serosa patiënten van belang zal zijn.

Daarnaast is het belangrijk om onderzoek te doen naar serosa om deze ziekte zelf en de bijbehorende complicaties in een vroeg stadium te kunnen herkennen, opdat patiënten op tijd de juiste behandeling krijgen om het visusverlies te beperken.

De onderzoeksleider van dit onderzoek is prof.dr. C.J.F. Boon van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). De volgende stap is om verder te onderzoek wat de oorzaak van serosa is. In het laboratorium zal de ziekte in cellen worden nagebootst en onderzocht worden. Op deze manier wordt verwacht in de toekomst een betere behandeling te kunnen ontwerpen. De kosten voor vier jaar onderzoek en het laboratorium bedragen 300.000 Euro.

Back To Top